Bij de overdracht van een onderneming, waaronder bijvoorbeeld bedrijfsvoorraad en inventaris, hoeft er geen btw aan de overnemer te worden berekend. Deze regeling is er om bedrijfsoverdrachten vanwege onder meer liquiditeitsnadelen voor de overnemer van het bedrijf niet te belemmeren.

Over de toepasselijkheid van deze regeling worden vaak procedures gevoerd, soms met fatale afloop voor een betrokkene. Aandacht voor de risico’s is dan ook zeer aan te bevelen bij dergelijke transacties.

Overgang onderneming
In de dagelijkse praktijk wordt de regeling ook wel een ‘artikel 37d-overdracht’ genoemd. In de wet spreekt men van ‘overgang van een algemeenheid van goederen’, waarbij er van rechtswege geen btw is verschuldigd. De regeling is overigens uitdrukkelijk geen keuzemogelijkheid! Als aan de voorwaarden voor de regeling wordt voldaan, dan geldt de regeling, ongeacht of partijen daar rekening mee houden.

Wanneer is sprake van een 37-d overdracht?
Het lastige van deze wettelijke bepaling is dat er vrij weinig valt te herleiden uit de wettekst. Wanneer sprake is van een dergelijk transactie blijkt vooral uit de rechtspraak. Daaruit blijkt dat er sprake moet zijn van zaken en/of rechten die samen een (gedeelte van) een onderneming vormen, waarmee een autonome economische activiteit kan worden uitgeoefend. Losse verkoop van goederen waar geen onderneming mee kan worden geëxploiteerd, valt er uitdrukkelijk niet onder. Met andere woorden, de verkoper exploiteert een onderneming, waarmee de koper geheel of gedeeltelijk doorgaat. Bij een dergelijke overdracht dient de verkoper dus geen btw aan koper te berekenen!

Waarom zo belangrijk?
Zoals veel zaken in de btw heeft ook dit aspect twee kanten. Als een verkoper er onterecht van uitgaat dat hij een ‘algemeenheid van goederen’ levert, maar dat achteraf niet zo blijkt te zijn, dan loopt hij het risico van een naheffing btw. Andersom, als de verkoper onterecht wel btw berekent, terwijl het achteraf een ‘algemeenheid van goederen’ bleek te zijn, dan loopt de koper het risico van naheffing vanwege aftrek van onterecht berekende btw.
Verder geldt bij toepassing van de regeling dat een koper de lopende btw-herziening van verkoper overneemt. Alle rechten en verplichtingen van deze herziening liggen vanaf moment van de overdracht bij de koper. Bij de advisering bij dergelijke transacties dient hier uitdrukkelijk aandacht aan te worden besteed om latere verrassingen te voorkomen!

Let op!
Gezien de tegengestelde belangen van verkoper en koper bij dergelijke ‘vermeende’ transacties, alsmede de vele procedures over dit onderwerp, is zorgvuldigheid zeer aan te bevelen.

Overdracht verhuurd vastgoed
Er is ook sprake van een ‘overgang van een algemeenheid van goederen’ als een verkoper vastgoed in verhuurde staat overdraagt. In de praktijk realiseert zich men dat onvoldoend. Verhuur van vastgoed kwalificeert immers als ondernemerschap voor de btw.

Koop breekt geen huur
Verder geldt het juridische principe ‘koop breekt geen huur’, zodat een koper de zittende huurders automatisch ook meekrijgt en op deze wijze de btw-onderneming van verkoper voortzet. Over een de situatie van de overdracht van een bedrijfsverzamelgebouw met meerdere huurders heeft de Hoge Raad al een keer geoordeeld dat daar sprake was van een ‘overgang van een algemeenheid van goederen’.

Recente uitspraak
Overigens heeft Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden zeer recent geoordeeld dat de overdracht van een nieuw kantoorcomplex binnen circa twee weken vanaf start huur, niet kwalificeerde als ‘de overgang van een algemeenheid van goederen’. Redenen voor deze beslissing was de omstandigheid dat de verhuur nog maar net was gestart en tevens dat de verkoop feitelijk voorafgaand aan de verhuur al was overeengekomen. Het is even afwachten of deze beslissing in cassatie in stand blijft. Deze beslissing bevestigt wel uitdrukkelijk het belang van zorgvuldig handelen bij situaties waar een ‘overgang van een algemeenheid van goederen’ zou kunnen spelen.

Omdat de wettekst uitgaat van ‘goederen’ lijkt dat overigens te betekenen dat er voor de regeling minimaal sprake moet zijn van twee goederen. Met name bij overdracht van één verhuurde onroerende zaak is het de vraag of dat een juiste uitleg is en valt niet uit te sluiten dat de regeling ook geldt bij overdracht van één verhuurde onroerende zaak.

Tip:
Uiteindelijk komt het er eigenlijk op neer, om in voorkomende gevallen de toepassing van een eventuele ‘overgang van een algemeenheid van goederen’ goed en zorgvuldig te beoordelen! Dit kan ongewenste verassingen achteraf voorkomen. Bij twijfel kan het een overweging zijn om de situatie vooraf af te stemmen met de Belastingdienst.

Terug naar overzicht